Preview Leugens & Liefdes
Iedereen bleef in stilte naar de ballonnen kijken tot er niets meer te zien was.
Alle andere gasten draaiden zich om en liepen in richting van het café, waar een borrel gedronken werd en er gelegenheid tot persoonlijk condoleren was.
Brecht, Lieke en haar moeder bleven nog even staan, hadden behoefte om nog een laatste woordje tegen hun vader en man te zeggen.
Eerst nam Lieke het woord, daarna Brecht. Samen liepen ze verder om hun moeder wat tijd alleen met hem te gunnen.
Ze stonden op vijf meter afstand van haar, durfden niet verder weg te gaan.
Na vijf minuten kwam hun moeder hen kant opgelopen, nog een keer draaide ze zich alle drie om waarna ze innig gearmd het kerkhof verlieten.
Alle familie en vrienden zaten al in het café aan een drankje en een broodje erbij. Moeder had niet gevonden dat ze met lege maag weer weg moesten en een plakje cake vond ze zo saai.
Brecht was intens verdrietig, maar voelde ook een soort van opluchting dat dit achter de rug was.
Ze keek het café rond of ze Richard kon ontdekken, ze wilde van hem weten waar Mark was.
Maar misschien durfde Richard niet mee naar het café te gaan omdat hij niemand kende.
Ze had zich vergist, Richard was er wel en stond in een hoekje met een kopje koffie in zijn handen. Hij liep op Brecht af, omhelsde haar en gaf haar drie zoenen. ‘Brecht, ik vind het vreselijk, dat je vader overleden is;’zei hij zachtjes.
‘Dank je,’fluisterde Brecht terug, ze voelde de tranen weer komen.
Richard hield haar stevig vast en wreef met zijn handpalm over haar rug. Een vriendschappelijk gebaar, maar een gebaar uit duizenden voor haar. Ze had zich al die tijd sterk gevoeld voor haar moeder, maar nu brak er iets in haar. Met horten en stoten vertelde ze aan Richard hoe alles in sneltreinvaart gegaan en hoe alles was geëindigd in een nachtmerrie.
Richard zei niets, liet haar uitpraten, bleef over zachtjes over haar rug wrijven.
Toch kwam de onvermijdelijke vraag. ‘Waar is Mark?’vroeg ze hem.
‘Hij vond het echt heel erg, maar hij is geveld door griep,’’ vertelde Richard.
‘Hij belde vanmorgen op om te zeggen dat hij niet kon komen, en vroeg of ik in staat was te gaan. Ik was toch al van plan te gaan. Hij had flinke koorts, zei hij. Verder weet ik het ook niet, ik moest zeggen dat hij wel zou bellen als hij weer beter was.’
Wat een kletsverhaal, dacht Brecht kwaad.
‘Geloof jij hem, Richard?’ vroeg ze angstig om wat ze zou horen.
Richard ontweek haar vragende blik.
‘Hij had mij toch ook gewoon kunnen bellen, als hij griep had?’
Richard haalde zijn schouders op, duidelijk dat hij het er verder niet over wilde hebben met haar.
Brecht voelde zich nog eenzamer dan ze al was. Ze moesten maar eens een goed gesprek hebben waarin alle waarheden boven tafel kwamen want dat er iets niet klopte was haar duidelijk.
Ze excuseerde zich bij Richard en ging naar een paar neven en nichten die op het punt stonden naar huis te gaan.
Ze ging een rondje verplicht handen schudden aan en wilde daarna weer terug naar Richard. Die was nergens meer te bekennen. Hij had zich kennelijk erg opgelaten gevoeld over haar vraag waar het Mark betrof.
Toch vond ze het fijn dat hij er was geweest.
Ze zag Eva en Sammy aan een tafeltje zitten en voegde zich bij hen.
‘Wat een klote dag is dit. Mijn vader begraven, Mark die me in de steek laat. Ik voel me zo zwaar klote,’zuchtte ze.
‘ Van Mark zou ik me niet zoveel aantrekken, Brecht,’begon Sam. ‘Hij is je gewoon niet waard als hij er nu niet voor je is als je hem het hardst nodig hebt kun je jezelf afvragen wat voor loser dat hij is.’
‘Ik weet het, maar ik kan hem maar niet van me afzetten. Ik dacht echt dat we samen wat aan het opbouwen waren. Het kan toch niet zo zijn dat hij niets voor me voelt?’
Ze voelde zich triest. Kon er met haar verstand niet bij dat het echt niets voor zou stellen voor hem. Hij zou vast een verklaring hebben voor zijn gedrag.
Ze moest proberen hem uit haar hoofd te zetten er waren zoveel andere belangrijke dingen op dit moment. Toch kon ze er niets aan doen dat ze telkens aan hem bleef denken en aan de aantrekkingskracht die er tussen hen was geweest.
Ze kletste nog wat met Eva en Sam tot ze zag dat iedereen bijna weg was. Ze nam afscheid van haar vriendinnen en liep naar haar moeder.
Ze zou haar moeder naar huis brengen zodat ze niet in een leeg huis terecht kwam na deze zware dag. Dan zou ze voorstellen om nog een paar nachten te blijven te slapen.
Eigenlijk verlangde ze naar wat tijd voor zichzelf, alleen in haar eigen appartement. Maar ze kon het niet over haar hart verkrijgen om haar moeder nu alleen te laten.
Haar zus en zwager gingen ook nog even mee zodat ze deze dag met z’n allen af konden sluiten.
Eenmaal op het werk ging Sam naar haar afdeling en liep Brecht een paar trappen omhoog naar de verdieping waar haar afdeling was.
Ze was blij dat ze haar hart had kunnen luchten bij Sam, maar was minder blij met haar reactie.
Ze voelde diep van binnen wel dat het niet klopte en helemaal fout was, wat Mark had gedaan, maar ze kon de andere kant, de hartstochtelijke, niet uit haar hoofd zetten. Je kon toch niet met iemand het bed in duiken zonder dat daar meer dan alleen de seks bij kwam kijken?
Mannen konden dat misschien wel makkelijker dan vrouwen, bedacht ze, maar zij kon dat in elk geval niet.
De rest van de middag werd ze in beslag genomen door het werk, een nieuwe crisisopname. Een vrouw met een kraampsychose was die middag opgenomen. Ze was een gevaar voor zichzelf en waarschijnlijk ook voor de baby waardoor acute opname niet meer af te wenden was. Een paar keer per jaar maakte Brecht dit mee op de afdeling.
Het was voor de vrouw natuurlijk erg, maar ook voor de echtgenoot en baby was het vreselijk.
Van de roze wolk afgedonderd in de eerste week al, zo anders dan men zich had voorgesteld.
Deze vrouw had haar kind mee naar de schuur genomen, was in een hoekje gaan zitten in de kou. Ze wilde haar dochter beschermen tegen kwade geesten die het op haar gemunt zouden hebben. Het kind had nauwelijks extra kleding aan en dreigde onderkoeld te raken. De kraamverzorgster die in huis was dacht dat ze in bed lag te rusten en ontdekte rond drie uur dat ze niet in bed lag en de baby ook niet.
Gelukkig werden ze snel gevonden. De huisarts en verloskundige werden gebeld en in overleg werd ze opgenomen om de veiligheid voor moeder en kind te waarborgen.
Haar dienst zat er bijna op, nog een kwartiertje en dan zou de nachtdienst komen.
Ze was moe, merkte dat het haar niet in de koude kleren ging zitten zo net na de begrafenis van haar vader en het gedoe met Mark.
Ze wilde net een dienblad koffie klaarzetten voor de nachtdienst toen de telefoon op het kantoor ging.
Brecht nam op en hoorde meteen dat het Sam was. ‘Rustig, Sam, wat is er?’ vroeg Brecht angstig. Ze hoorde aan de stem van Sam dat ze erg gespannen was.
‘Luister Brecht,’ zei ze, ‘je moet onmiddellijk naar de spoedeisende hulp komen.’
Haar maag draaide om, toch niet haar moeder?
Sam had door dat Brecht meteen dacht dat er iets met haar moeder gebeurd was en maakte haar snel duidelijk dat het niet om haar moeder ging.
‘Brecht, nee, het gaat niet om familie van je, dat beloof ik. Maar er is wel iets wat je dringend moet weten. Kom naar ons kantoor en als ik er nog niet ben, wacht dan daar tot ik eraan kom, beloofd?’
‘Oké, beloofd.’
Brecht vroeg aan haar collega of het goed was dat ze al ging zodat die de overdracht aan de nachtdienst zelf kon doen, en liep daarna razendsnel naar beneden.
Wat was er zo belangrijk dat zij moest zien op de spoedeisende hulp, vroeg ze zich af.
Ze liep het kantoor in, waar op dat moment niemand was.
De klok tikte de seconden weg en Brecht was erg gespannen.
Na vijf minuten stapte Sam binnen en kwam bij haar staan.
‘Luister,’ zei ze, ‘ik moet je iets laten zien wat pijnlijk voor je is, maar waarvan ik zeker weet dat je het wel wilt weten.’
‘Waarom spreek je zo in raadsels?’ vroeg Brecht haar.
‘Vertel me nu maar gewoon wat er is, hier word ik bloednerveus van, het bezorgt me nog een maagzweer als je zo doorgaat.’
Sam nam haar bij de hand en nam haar mee naar een behandelkamer waar niemand lag op dat moment.
In de kamer ernaast hoorde Brecht ineens een bekende stem. ‘Mark?’ fluisterde ze.
Ze stond stijf van de spanning. Ze hoorde hem praten maar kon niet achterhalen wat hij zei.